Op avontuur in Fins Lapland:

Wit wonderland

Tekst: Yvonne Dudock | Fotografie: Rene Koster

Weidse meren doorkruisen per huskyslede of sneeuwscooter, lunchen bij een kampvuur én genieten van de intense stilte. De ongerepte Arctische natuur van Fins Lapland biedt volop avontuur.

Midden op het bevroren meer stoppen we met onze sneeuwscooters. Alles om me heen is wit. De zon schijnt en de fijne sneeuwkristallen schitteren in het licht. Een paar meter boven de grond zweeft nevel als sierlijke slingers in de lucht. Zelfs de hemel is niet helemaal blauw; het vocht in de lucht bevriest bij deze temperatuur en dwarrelt als kleine zilverwitte kristallen naar beneden. Ik heb nog nooit zoveel verschillende gradaties wit gezien. Slechts in de verte, door de ‘schemering’ van de nevel, zie ik de bosrand.


Het is half februari en volop winter in Fins Lapland. Ik ben vlakbij Levi Resort in Kittilä, een dorp twee uur rijden  boven de poolcirkel. Het is wars van alle wintersportdrukte die we kennen van Frankrijk of Oostenrijk. Dit is een compleet andere wereld. Niet in de eerste plaats door de ontbrekende drukte, maar vooral door de schitterende Arctische natuur, de stilte en de vele wintersportactiviteiten.

Door de Arctische natuur, de stilte en de vele wintersportactiviteiten is dit een compleet andere wereld.

Hier kun je behalve skiën ook cross-countryskiën, sneeuwschoenwandelen en ijsvissen. Maar je gaat hier vooral naar toe voor avontuurlijke sneeuwscootertochten en huskysafari’s. Vanochtend ben ik vanuit Kittilä vertrokken voor een sneeuwscootertocht dwars door de natuur.

Het is een andere kou dan in Nederland. Geen snijdende wind, maar droge vrieskou

Mijn gids, Juha, heeft me voorzien van een helm, warme handschoenen, wollen sokken, laarzen en een dikke ski-overall. Als ik alles heb aangetrokken – over mijn eigen kleren aan – voel ik me net een Michelinmannetje. Maar deze kleding is geen overbodige luxe, buiten is het ongeveer vijfentwintig graden onder nul. Toch voelt het niet zo, het is een heel andere kou dan we in Nederland gewend zijn. Geen snerpende en snijdende wind, maar een droge vrieskou. Bovendien schijnt vandaag de zon.

Al snel laten we de bewoonde wereld achter ons. De weg voert over glooiende heuvels en door eindeloze bossen waar de bomen bedekt zijn met een dikke laag verse sneeuw, de takken buigen ver door onder de zware last. Ik heb het gevoel door een sprookjesachtig winterwonderland te rijden, een gevoel dat helemaal compleet is als plotseling uit het niets een dorpje opdoemt. De typische rode houten huizen steken fel af tegen de sneeuw. Slechts negen huizen tel ik, dan zijn we het dorpje al weer uit.

Tussen de bomen staan een paar rendieren. Zomaar, in het wild.

Niet veel later verandert het landschap, het bos wordt afgewisseld met kleinere en grotere open vlaktes. Juha vertelt me dat dat bevroren en ondergesneeuwde moerassen en meren zijn; de vele meren waar Finland om bekend staat. Ook heeft het gebaande pad plaatsgemaakt voor een trail dat nog niet is platgereden; we zijn de eersten die een vers spoor trekken. Plotseling stopt Juha en gebaart naar opzij. Tussen de bomen staan een paar rendieren. Zomaar, in het wild. Schaapachtig kijken de dieren ons aan en gaan vervolgens door met zoeken naar eten.

Voor de rendieren is nu weinig voedsel te vinden, vertelt Juha, maar ze hebben een dikke vetlaag gekweekt die op sommige plaatsen wel vijf centimeter dik is. Daar kunnen ze de hele winter op teren. “Lets have lunch”, zegt Juha als we weer een open vlakte op rijden. Ik heb geen idee waar hij in deze middle of nowhere een restaurant wil vinden, maar ineens ruik ik vuur. Langs de bosrand kringelt een rookpluimpje omhoog. Kari, een collega van Juha, heeft daar een waar sneeuwrestaurant gecreëerd: in een enorme kuil zijn stoelen uitgehouwen in de sneeuw en bedekt met rendierhuid. In het midden knappert een vuur met een ketel erboven.

In het midden knappert een vuur met een ketel erboven

Niet veel later zit ik met een kop thee in mijn hand en koester me in het zonnetje. Vanaf mijn stoel kijk ik uit over het bevroren meer, dat verscholen ligt onder een dikke laag sneeuw. De typische naaldbomen, lang en smal, markeren de bosrand. Candle trees noemen de Finnen ze en ik begrijp helemaal waarom. Als witte kaarsen staan ze naast elkaar, de een nog hoger en statiger dan de ander. Ondertussen is Kari druk bezig met het bereiden van de lunch. Op het vuur staat een grote pan waarin stukken rendiervlees gebraden wordt; heerlijke etensgeuren bereiken mijn neus. De gezonde buitenlucht maakt hongerig, merk ik.


De volgende plaats die ik bezoek is Levi. Het ligt op zo'n 2 uur rijden naar het zuidwesten en heeft beduidend meer de allure van een skidorp. Dit is ook hét ski-oord van Fins Lapland. Maar vandaag ga ik niet skiën, ik ga op huskysafari. Bartek, eigenaar en fokker van husky’s, heet me van harte welkom bij zijn kennel.


Buiten in de sneeuw zitten de honden te wachten, sommigen liggen lekker opgerold te slapen. De kou deert ze niet, hun vacht is dik en dicht genoeg. Als ze Bartek zien, kijken ze blij op; lieve koppen met helblauwe of bruine ogen. Zodra hij een slee pakt en klaarzet, worden de honden onrustig. Ze weten wat er komen gaat: er gaat gewerkt worden. En als een husky kan werken – rennen – dan is hij in zijn element. Ze zijn born to run.

Koppen met helblauwe ogen

Zorgvuldig kiest Bartek de honden voor de sledes. De voorste twee zijn de meest ervaren honden, de leaders of the pack, vertelt hij. Ze zijn zo getraind dat ze tijdens de tocht niet achter een konijn, vogel of ander wild aan gaan. De rangorde voor de slee geeft ook de ervarenheid aan; de twee achterste honden zijn het minst ervaren, zij moeten nog het een en ander leren.


Terwijl Bartek langs de honden loopt om ze te selecteren, slaat de onrust toe. Een paar honden gaan staan en beginnen te blaffen, anderen huilen als wolven en weer anderen blijven stoïcijns zitten. Maar allemaal kijken ze Bartek indringend aan, alsof ze willen zeggen: kies mij, kies mij!

Ik ga achterop mijn slee staan, met een voet op de rem zodat die diep in de sneeuw steekt. Toch voel ik dat de honden al trekken, ze willen rennen. Als Bartek het teken geeft dat we gaan en ikmijn voeten van de rem haal, schiet de slee vooruit. In een gestaag tempo glijden we over de sneeuw. Voor me zie ik zes hondenruggen, twaalf oren en vierentwintig poten in cadans bewegen. Hun tong bungelt uit de bek. Weer is het landschap sprookjesachtig; aan de ene kant bomen die volledig zijn bedekt met sneeuw, aan de andere kant een open vlakte met op de achtergrond de bergen. De winterzon staat laag en schijnt in wonderlijke pasteltinten over het landschap. Het kleurenpalet varieert van zachtgeel tot zalmkleurig en violet. Het enige geluid dat ik hoor, is het glijden van de slee over de verse sneeuw en het zachte gehijg van de honden.

Voor me zie ik zes hondenruggen

Als we na de tocht nog even napraten vertelt Bartek met liefde over zijn honden, hoe hij ze verzorgt en traint. Als ik hem vraag of hij ook wedstrijden met de honden doet, beginnen zijn ogen te glimmen. Vorig jaar nog heeft hij aan een race meegedaan van Sint-Petersburg naar Moskou. En een van zijn honden heeft in totaal al ongeveer 42.000 km afgelegd, dat is maar liefst een keer de wereld rond. Het dier is nu al lang gepensioneerd, maar doet nog steeds niets liever dan rennen.

Als afsluiting van mijn reis maak ik een nachttocht met de sneeuwscooter, op zoek naar het noorderlicht. Ook nu is Petri weer mijn gids en al voor vertrek schudt hij zijn hoofd. Vanavond zullen we geen noorderlicht zien, het is te zwaar bewolkt. Toch gaan we op pad, omdat een nachtelijke tocht met de sneeuwscooter een belevenis op zich is. We gaan omhoog, de heuvels op. De lichtbundel van de koplamp glijdt over het witte landschap, donkere schaduwen en witte sneeuwsculpturen wisselen elkaar af. Het zijn bomen en struiken die door weer en wind volledig zijn ingepakt door de sneeuw. Hoe hoger we komen, hoe extremer de vormen.

Een nachtelijke tocht met de sneeuwscooter is een belevenis op zich

En ook hoe kouder het wordt. Het is vanavond ijzig koud en na een korte rit stoppen we bij een kota. In een mum van tijd heeft Petri een vuur gaande en hangt de ketel erboven. Genietend van een kop koffie en de warmte van het vuur overdenk ik mijn reis. Een onvergetelijke ervaring: de ongerepte natuur, de bizarre sneeuwlandschappen, de husky’s, de tochten met de sneeuwscooter. En raad eens wat? De volgende avond kwam het toch nog goed met het noorderlicht. Disco luchten in Lapland. Je moet het gezien hebben.

Op naar Lapland


Zelf Lapland ontdekken vanaf een hondenslee of sneeuwscooter? Deze winter vliegt TUI als enige airline direct vanaf Amsterdam naar meerdere steden in Lapland.

Veel van hun accommodaties liggen pal in het winterwonderland én hebben een sauna. Een weekje hotel of appartement met ontbijt, retourvluchten én transfers begint al bij €655 per persoon. Nieuwsgierig?